Hoe werkt dat nou, bevallenDe bevalling

Hoe werkt dat, bevallen

DE BEVALLING Een (natuurlijke, vaginale) bevalling bestaat uit drie fasen. De eerste fase noemen we de ontsluiting. De tweede fase noemen we de uitdrijving. De derde fase noemen we de nageboorte. Tussen de 37 en 42 weken zwangerschap zal de bevalling beginnen. Er zijn sterke aanwijzingen dat je baby zelf aangeeft wanneer het tijd is om ter wereld te komen. Signalen uit de hersenen van je baby zorgen ervoor dat er een aantal processen worden ingezet die de bevalling in gang zetten. Als je zwanger bent heb je een verhoogd gehalte van het hormoon progesteron. Dit hormoon zorgt ervoor dat jouw baarmoederspieren ongevoeliger worden. Je baarmoeder zal dan niet te vroeg samentrekken. Aan het eind van de zwangerschap neemt de productie van progesteron af. Prostaglandine is een hormoon wat dan meer zal worden aangemaakt. Het zorgt ervoor dat je baarmoedermond verweekt en voor weeën zal zorgen. Door het verhoogde prostaglandinegehalte krijgen je hersenen op een aangezet worden om oxytocine te gaan maken. Oxytocine is het ‘bevalhormoon’. Het zorgt ervoor dat je baarmoeder gaat samentrekken. In de eerste fase van je bevalling is het gehalte nog laag zodat de bevalling rustig inzet. Gedurende de bevalling wordt er steeds meer oxytocine aangemaakt. De weeën worden hierdoor steeds krachtiger en zal de ontsluiting bevorderen. De eerste tekenen van een naderende bevalling zijn (voor) weeën, Het verliezen van de slijmprop, verliezen van vruchtwater. Of een inleiding, de bevalling wordt dan opgewekt. Meestal begint de bevalling met weeën die met tussenpozen komen. Weeën zorgen voor het samentrekken van de baarmoeder wat ervoor moet zorgen dat de baarmoedermond verweek. Op die manier vordert de ontsluiting en zal de baarmoedermond steeds verder open komen te staan. Je vraagt je vast af hoe die weeën voelen. Je zal vast allerlei verhalen gehoord of gelezen hebben. Soms denken zwangere aan het begin van hun bevalling dat ze ziek worden, of iets verkeerds hebben gegeten. Deze krampen komen op, worden sterker en ebben weer weg. Dan heb je even rust tot de volgende wee begint. Al snel heb je door dat de bevalling weleens begonnen kan zijn. In het begin kan er wel een kwartier of een half uur tussen de weeën zitten. De eerste periode van weeën is meestal niet erg pijnlijk. Je voelt ze wel, maar ze komen nog niet snel achter elkaar en duren niet lang. Je kunt niet alleen weeën in je buik voelen, maar ook in je rug, in je benen of een combinatie daarvan. Je moet de verloskundige bellen als de weeën om de vier tot vijf minuten komen en een minuut aanhouden. Kan ook zijn dat je iets anders hebt afgesproken met je verloskundige of gynaecoloog. Vaak is dat naar aanleiding van een vorige bevalling die heel snel is gegaan of er zijn andere medische redenen. Je bevalling kan ook beginnen met het verliezen van wat slijmerig rood bloed, de slijmprop. Dit is een teken dat de baarmoedermond zich aan het openen is en de zich voorbereid voor de bevalling. Het wil niet zeggen dat de bevalling binnen een paar uur zal inzetten. Het kan ook best een paar dagen duren. Je hoeft hier dus ook niet direct de verloskundige of gynaecoloog voor te bellen. Bel wel als je veel bloed verliest of als je vruchtwater breekt. Bel ook altijd als je het niet vertrouwd. Kan ook zijn dat eerst je vliezen breken en je vruchtwater Het kan zijn dat je dit druppelsgewijs verliest of in een keer een grotere hoeveelheid. Het vruchtwater blijft lopen en is meestal kleurloos, wit of lichtroze. Twijfel je of het vruchtwater, het heeft een onmiskenbare weeïge zoete geur die met niets anders te vergelijken is. Als je vliezen gebroken zijn ga dan niet meer in bad en geen geslachtsgemeenschap meer hebben vanwege infectiegevaar. Het kan gebeuren dat wanneer je vliezen breken en je kindje nog niet is ingedaald, ga dan gelijk liggen, waar je ook bent. Ook als je in een winkel bent en bel de verloskundige of gynaecoloog. De reden is om te voorkomen dat je kindje naar beneden zakt met de navelstreng om het nekje komt te zitten. Je belt ook direct de verloskundige als je vruchtwater is gebroken en het groen of bruin van kleur is . Dit noemen we meconium houdend vruchtwater en geeft aan dat de baby in het vruchtwater heeft gepoept. Het is (vaak) een teken dat je baby het benauwd heeft. Als het vruchtwater helder is dan kun je wel de verloskundige bellen, maar dit heeft niet zoveel haast. Gebeurt dit midden in de nacht, dan kun je gerust wachten tot de volgende ochtend. Door het verhoogde hormoon oxytocine beginnen de ontsluitingsweeën. Deze weeën zullen in de loop van de bevalling elkaar steeds sneller opvolgen. In het begin zijn de weeën nog niet zo krachtig en komen ze zo om de 4 tot 5 minuten en duren zo ongeveer een tot anderhalve minuut. Naarmate de ontsluiting vordert zullen de weeën steeds wat sterker worden en elkaar vlotter opvolgen. Een beetje een gemiddelde wat je zou kunnen aanhouden hoe snel de ontsluiting zal vorderen is bij je eerste kindje, 1 centimeter per uur. Voor totale ontsluiting staat 10 centimeter, dus gemiddeld 10 uur. De tweede of volgende keer gaat dat sneller. Maar weet dat dit gemiddelde zijn en het dus sneller of langzamer kan gaan! Tijdens de laatste paar centimeters ontsluiting hebben de meeste vrouwen het vaak het zwaarst. De weeën zijn steeds krachtiger en volgen elkaar op een rap tempo op. Kan zijn dat je misselijk wordt of moeten overgeven. Ook kun je last hebben van trillende benen of pijn in je onderrug. Probeer in ieder geval zo veel mogelijk te ontspannen. Denk aan een warme douche of gebruik een warme kruik. Probeer je wee goed weg te puffen, adem in door je neus en laat je adem in kleine stootjes door je mond uit. Hoe langer de bevalling duurt hoe heftiger en/of pijnlijker de weeën kunnen worden en hoe sneller ze elkaar opvolgen. Bedenk dat pijnlijke heftige weeën niet voor niks zijn! Hoe eerder je volledige ontsluiting hebt hoe sneller je kindje geboren zal worden. Tijdens de weeën maakt je lichaam het hormoon endorfine aan. Dit hormoon is een natuurlijke doping en heeft een bewustzijn vernauwend effect. De bedoeling daarvan is de pijn wat beter te dragen is. Hoe beter je je kunt ontspannen en kunt overgeven aan de pijn, hoe meer het hormoon je kan helpen. Als je je verzet tegen de pijn dan wordt er adrenaline aangemaakt. Dit hormoon komt vrij bij angst en stress. Het remt tijdens een bevalling niet alleen de aanmaak van endorfine en de afgifte van oxytocine, het hormoon dat de weeën stimuleert. Op die manier kan de bevalling worden vertraagd. Ontspan je en probeer je overgeven aan de pijn! Als je wat meer ontsluiting hebt gaat het hoofdje van je baby tegen de baarmoedermond drukken. Op deze manier zal de ontsluiting versnellen. Als er geen medische beperkingen zijn, doe vooral wat je zelf prettig vindt. Alleen puffen, samen, massage op je zere rug, liggen, zitten, hangen…. Wel of geen muziekje. Doe vooral waar je je goed bij voelt. Als je door omstandigheden in het ziekenhuis aan apparatuur gekoppeld ligt ben je wat minder mobiel. Toch kun je aan de verpleging best vragen of je in een houding mag zitten of liggen Zodat je je toch wat meer kan ontspannen. Als de ontsluiting niet vordert kunnen ze er voor kiezen je in het ziekenhuis een infuus geven met een weeën opwekkend middel. Als 10 cm hebt, volledige ontsluiting, begint het laatste deel van de bevalling. Je moet nu actief mee gaan doen en vooral goed luisteren de verloskundige of gynaecoloog. Als je aan het infuus ligt wordt dit vaak uitgezet, zodat je weer kunt voelen en kunt persen op het moment dat je een zogeheten perswee hebt. Als je volledige ontsluiting hebt zullen je buikspieren zich gaan samentrekken en helpen daarbij om je baby door het geboortekanaal te persen. Persdrang voelt aan alsof je erg moet poepen. Dit wordt veroorzaakt doordat het hoofdje nu steeds dieper komt te liggen en ook tegen je anus aan drukt. Soms heb je al persweeën voordat je ontsluiting ver genoeg gevorderd is. Deze zal je moeten wegpuffen totdat je volledige ontsluiting hebt. Kan ook voorkomen dat je wel volledige ontsluiting hebt, heb je nog geen aandrang om te persen. In sommige gevallen komt de persdrang niet of pas heel laat, maar meestal komt die drang vanzelf en dan is het goed herkenbaar. Ook tijdens het persen, mits er geen medische bezwaren zijn, kies je een prettige houding om te bevallen. Denk aan zitten, hurken, liggen, op je zij, rug. Op handen en voeten, op een baarkruk en soms zelfs in bad. Meestal ligt de baby met het hoofdje naar beneden en is het achterhoofdje het eerste dat te zien is je aan het persen bent. Bij elke wee zal het hoofdje iets verder naar beneden worden gedrukt en weer een stukje terug gaan. Als je al eerder bent bevallen zijn de weefsels al iets uitgerekt, de geboorte verloopt dan vaak wat vlotter. Als het hoofdje eenmaal geboren is volgt de rest van het lijfje meestal snel. Je baby maakt nog even een soort draai, de uitwendige spildraai, zodat de schoudertjes er makkelijker uitkunnen. Soms gaat het niet zo vlotjes. Er is dan reden om medisch in te grijpen. Bijvoorbeeld door middel van een vacuümpomp of een verlostang. Tangverlossingen worden nog maar weinig gedaan tegenwoordig. De voorkeur gaat bij veel gynaecologen uit naar de vacuüm extractie. Dit wordt bijvoorbeeld gebruikt als de baby een te trage of te snelle hartslag heeft. Of als de baby niet goed door het geboortekanaal lijkt te kunnen komen en je al een lange tijd aan het persen bent. Soms blijkt je kindje niet goed te liggen waardoor er ook wat extra hulp nodig is. Is je baby geboren, dan zal je in de meeste gevallen je kindje direct op je buik of borst krijgen of als je je baby zelf hebt aangepakt hem/haar zelf op je borst leggen. Ondertussen kijkt de verloskundige of gynaecoloog goed naar je baby en zuigt soms wat slijm uit het neusje en mondje met een dun rietje en zal de verpleegkundige of kraamhulp het kindje schoon- en droogwrijven met een doek. Nu heb je even de tijd om bij te komen van al het oer geweld. Kijk, ruik, voel vooral lekker aan je kindje. De navelstreng zal doorgeknipt worden, vaak door je partner, maar kan ieder ander ook doen. Jullie voelen hier niets van. In de laatste fase van de bevalling moet de placenta geboren worden. Dit is meestal met een of twee persweeën gebeurd. In de meeste gevallen is de placenta binnen twintig minuten geboren. Laat dit echter op zich wachten dan moet de nageboorte onder volledige narcose verwijderd worden. Zodra je baby en de placenta geboren zijn is de bevalling achter de rug. Misschien moet je worden gehecht, vaak onder plaatselijke verdoving en je baby wordt goed nagekeken. Als er geen bijzonderheden zijn kun je dit zelf helemaal volgen omdat het op dezelfde kamer gebeurt, of thuis bij je op bed. Er worden wat testjes afgenomen, gewogen. Dit wordt allemaal bijgehouden dmv een apgar score. Er wordt gelet op pols en de hartslag, de spierspanning, kleur van de huis en de reactie op prikkels. Deze apgar test wordt twee maal gedaan. Maak je geen zorgen als men aangeeft dat de score wat laag is. Het is een moment opname en je kindje hersteld zich in de meeste gevallen vanzelf!