Wat is dat?Zwangerschaps diabetes

Zwangerschaps diabetes, wat is dat?

Zwangerschapssuiker Diabetes Gravidarum oftewel zwangerschapsdiabetes ontstaat meestal na de 20e week van de zwangerschap. Zwangerschapsdiabetes komt voor bij 1 op de 20 zwangerschappen en kan goed behandeld worden. Vaak verdwijnen de klachten na de bevalling. Verschijnselen zwangerschapssuiker Zwangerschapsdiabetes wordt soms ontdekt door -veel dorst -veel plassen -extreme groei van de baarmoeder Soms komt echter ook heel vaak voor dat er geen klachten zijn. Zwangerschapssuiker Tijdens de zwangerschap daalt de nuchtere bloedglucosespiegel, dus als je nog niet gegeten hebt. We noemend dii de bloedsuikerspiegel. Kan zijn dat dit komt omdat er constant glucose aan de baby afgegeven wordt Na het eten of drinken van koolhydraten (bijvoorbeeld brood, melk, aardappelen, suiker) neemt de bloedglucosespiegel toe. Het lichaam kan dit normaal gesproken goed opvangen, maar soms is dit niet mogelijk omdat de insuline niet goed kan werken of omdat er te weinig insuline gemaakt wordt. Er is dan sprake van zwangerschapsdiabetes. Je hebt in deze situaties een verhoogd risico op zwangerschapsdiabetes: -Je vader, moeder, broer of zus diabetes heeft -Je in een eerdere zwangerschap diabetes hebt gehad of voor de zwangerschap gestoorde glucosetolerantie had -Overgewicht -Je eerdere baby kreeg dat zwaarder was dan 4500 gram -Als je herhaald een miskraam, preeclampsie of groeivertraging hebt gehad -Als je van Hindoestaanse of Mediterrane afkomst bent Als je een verhoogd risico loopt, zal de verloskundige of gynaecoloog na de 24e week twee tot drie keer in de zwangerschap je bloedglucosespiegel (laten) bepalen. Het is niet genoeg om alleen de urine te testen. Meestal wordt een bovengrens van 6,1 mmol/l aangehouden, als de bloedglucose hoger is wordt verder onderzoek gedaan. Veel verloskundigen of gynaecologen doen standaard na de 20 weken zwangerschap onderzoek naar diabetes. Als je zwangerschapsdiabetes hebt, hoef je niet bang te zijn dat jouw kindje meer risico op aangeboren afwijkingen heeft dan wanneer je geen zwangerschapsdiabetes zou hebben. Jouw bloedglucose ging immers pas stijgen nadat alle lichaamsstructuren al gevormd waren. Zwangerschapsdiabetes heeft wel de volgende risico’s: -Als jij diabetes hebt, is het risico groter dat jouw baby een hoog geboortegewicht heeft. Dit kan gevolgen hebben voor het verloop van de bevalling. -Ook de kans dat de longen minder gerijpt zijn, is voor kinderen van moeders met diabetes groter omdat bij sterke schommelingen in de bloedglucosespiegel de rijping langzamer verloopt. -Meer vruchtwater, een vroeggeboorte en een te laag bloedsuiker gehalte bij de geboorte van de baby kan ook een risico zijn. De baby zal de eerste 24 uur na de geboorte op vaste tijdstippen wordt gecontroleerd totdat de bloedglucose stabiel is. Je baby is namelijk gewend aan veel glucose. Het lichaam produceert daarom meer insuline. De toevoer van glucose stopt en het bloedglucose daalt. Heb je zwangerschapsdiabetes? Let dan god op je voeding. Denk bijvoorbeeld aan de juiste hoeveelheid energie (calorieën) zodat je niet zwaarder wordt dan wenselijk is Verdeel koolhydraatrijke producten (brood, aardappelen, pasta, melk etc) over de dag Beperk snelle koolhydraten zoals wit brood, witte pasta’s, snoep, koek etc. Kom je er niet uit, vraag dan aan je arts om een verwijzing naar een diëtist. Een diëtist kan je uitleggen hoe je met koolhydraten kunt variëren, zeker als je uiteindelijk insuline moet gaan gebruiken. Na een aantal weken wordt opnieuw de bloedglucosespiegel bepaald. Als die met dieet adviezen goed is, dan mag je gewoon onder begeleiding van de verloskundige blijven en worden de bloedglucosespiegels iedere paar weken bepaald. Als die goed blijven, mag je desgewenst thuis bevallen en wordt na de geboorte de bloedglucosespiegel bij de baby een aantal keer bepaald. Als het dieet de bloedglucosespiegel niet verlaagd, word je naar de gynaecoloog verwezen. Meestal schrijft deze dan tabletten of insuline voor. Na de bevalling kun jij weer normaal gaan eten, probeer wek de gezonde voeding te blijven gebruiken. Vaak kun je stoppen met de medicatie als je die tijdens je zwangerschap gekregen heb, altijd in overleg. Ongeveer zes weken na de bevalling wordt jouw bloedglucosegehalte nogmaals nagekeken om er zeker van te zijn dat het ‘niet om blijvende diabetes gaat. De kans om bij een volgende zwangerschap of op latere leeftijd diabetes te krijgen is verhoogd (30-50%). Een goed gewicht behouden of krijgen en voldoende bewegen is heel belangrijk om deze kans te verkleinen. Ook tijdens een volgende zwangerschap heb je een verhoogd risico.